Voor het tweede jaar op rij voert Inagro een proef uit met verschillende types en verschillende diktes organische mulch in een teelt van biologische knolvenkel op het Proefbedrijf Biologische Landbouw in Beitem. Waar het groeiseizoen vorig jaar getekend was door hitte en droge omstandigheden, ervaren we dit jaar het tegenovergestelde. Onder vochtige en koele omstandigheden lijken de verschillende mulchtypes belangrijke verschillen teweeg te brengen in het gewas.

Organische mulches reageren verschillend in droog (2020) en nat voorjaar (2021)

Een mulchlaag aanbrengen onder het gewas kan verdamping van bodemvocht verminderen. Als bijkomend voordeel kan de mulch onkruidonderdrukkend werken en de bodemvruchtbaarheid ten goede komen. Vanuit die insteek verkennen meerdere kleinschalige biologische groentebedrijven deze techniek.

Voor een geslaagde toepassing zijn er nog heel wat praktische vragen over onder andere de toedieningstechnieken, de ideale mulchsoort en -dikte in functie van het gewas, de verdampingsbeperking en het onkruidonderdrukkende vermogen. Ook de invloed van de mulchlaag op het gewas is onvoldoende bekend. In het CCBT-project “Irrigatie in bio” legden we in 2020 een proef aan in de teelt van knolvenkel. Dit jaar herhalen we de proef met extra mulchsoorten. De grondsoort is telkens een zandleembodem met diepe grondwatertafel.

 

2020: droogte en hitte doorslaggevend

We startten de proef op 24 juni 2020 onder zeer warme en droge omstandigheden. We brachten drie verschillende mulchtypes manueel aan op kleine proefplotjes, telkens in twee diktes. We kozen voor verhakselde grasklaver en houtsnippers, beide met diktes 5 en 8 cm, en compost met diktes 2 en 4 cm. Als controle hadden we ook veldjes zonder mulch. Na het aanbrengen van de mulch plantten we de venkelplantjes manueel.

Tijdens de proef telden we wekelijks de onkruidgroei en namen we bodemstalen om het bodemvocht te bepalen. Alle mulchtypes waren in staat om onkruid te onderdrukken. Als beste kwamen de twee diktes grasklavermulch en de dikste laag houtsnippers naar voor. In alle gemulchte objecten daalde het bodemvocht minder snel, wat onder de droge groeiomstandigheden in combinatie met minder onkruidgroei leidde tot een meeropbrengst in alle gemulchte objecten van 11 tot 36%. De beste objecten waren die met 5 cm grasmulch en 5 cm houtsnippermulch. De objecten met compost haalden de laagste meeropbrengst ten opzichte van de controle. Algemeen was de opbrengst in de volledige proef echter onvoldoende, met stukgewichten van 200 à 300 gram.

De teelt startte met een beperkte vochtvoorraad in de bodem. In deze specifieke proefopzet voerden we geen irrigatie uit. Doordat de planten schot begonnen te vertonen, moesten we oogsten voor de vruchten hun optimale gewicht konden bereiken.

BESLUIT 2020
We kunnen besluiten dat mulches onder droge omstandigheden droogtestress beperken, maar in onvoldoende mate om een optimale oogst te borgen. Bij gebrek aan regen, blijft irrigatie nodig.

MulchBio2020overzicht.jpg

Overzicht mulchtypes veldproef 2020


2021: sterke invloeden op de gewasstand

Biomulch2021overzicht2.jpg
Overzicht mulchtypes proef 2021

In 2021 herhalen we de proef en voegen we champost, stro en compostsnippers toe als mulchtypes. Compostsnippers ontstaan uit een uitgezeefde fractie van groencompost (15/40 mm). Het uitzicht lijkt op dat van houtsnippers, maar dankzij het composteroiingsproces hebben compostsnippers een geschiktere C/N-verhouding. We plantten de proef op 15 juni.

Dit jaar is het aanwezige bodemvocht in elk geval geen beperkende factor. Toch zien we nu, een maand na het planten, duidelijke verschillen in gewasstand. De verschillende mulchtypes hebben een uitgesproken invloed op de planten. Zo zijn de planten in de compost en in de champost opvallend groter en donkerder van kleur, terwijl de planten in stro, houtsnippers en gras duidelijk kleiner en lichter van kleur blijven. De planten in de compostsnippers en in het object zonder mulch zijn intermediair op het vlak van grootte en kleur.

Bij de toepassing van mulch op de bodem gaan we er dikwijls vanuit dat de invloed van de mulchlaag op de bodem, en bijgevolg op de planten, gering is en dat die laag in eerste instantie vrij inert op de oppervlakte blijft liggen. Onder de huidige omstandigheden, met regelmatige en voldoende regenval en vrij koele temperaturen, blijkt die stelling niet te kloppen en is er een duidelijke interactie tussen de mulch en het wortelmilieu van de venkel. Op het grensvlak tussen bodem en mulch zien we zeer oppervlakkige beworteling en een actieve omzetting van organisch materiaal. We nemen deze week bodemstalen om te kijken in welke mate de verschillen in de gewasstand ook in de nutriëntenstatus weerspiegeld worden.

Biomulch2021vergelijking.jpg

De verschillen in gewasstand zijn opvallend: links mooie forse, donkergroene planten in compost, rechts schriele, kleine, lichtgroene planten in stro.


Dit onderzoek wordt uitgevoerd in het kader van het CCBT-project “Irrigatie in bio”.

LogoCCBT_DeptLV.png

Gekoppelde thema's & sectoren: Biologische Productie | Groenten Open Lucht