Het demonstratieproject “Optimaal speenmanagement” is halfweg en loopt vlot. Op 1 juli organiseerden we de eerste studieclub in ’t Fazantenhof (Houthulst). De varkenshouders uit het westelijke deel van het land die meewerken aan het project vertelden hoe zij werken in de kraamstal, en hoe zij ervoor zorgen dat er gezonde biggen gespeend worden. Een leerrijke ervaring!

Varkenshouders uit het demoproject Optimaal speenmanagement delen hun ervaringen over de kraamstal

Inrichting van de kraamstal

Alle deelnemers waren het erover eens dat pasgeboren biggen snel moeten opdrogen en het warm genoeg moeten hebben, zodat ze energie genoeg hebben om biest op te nemen. De instelling van de temperatuur van de vloerverwarming en de regeling van de warmtelampen kwam uitvoerig aan bod. Ook bespraken we de voor- en nadelen van balanskooien en de invloed ervan op uitval.

Aantal pleegzeugen en de aanwezigheid van een restkraamhok

Verschillende van de varkenshouders werken met hoogproductieve zeugen en hebben veel levend geboren biggen. Die kunnen opgevangen worden bij pleegzeugen. Sommige van de deelnemers gebruiken daarvoor een restkraamhok. Anderen beschikken over één grote kraamzaal waarbij dit niet mogelijk is. Ook het aantal pleegzeugen moet aangepast zijn aan het overschot aan biggen. Dat bleek ook niet bij iedereen mogelijk te zijn. Alternerend zogen is een techniek die bij zo goed als iedereen toegepast wordt. Dat zorgt ervoor dat elk big de kans krijgt om biest op te nemen bij zijn eigen moeder.

Speenleeftijd

Wat de speenleeftijd betreft, waren er grote verschillen tussen de bedrijven, afhankelijk van het meerwekensysteem waarmee gewerkt wordt. Eén van de deelnemers die nu volgens een vierwekensysteem werkt, overweegt om in de toekomst over te stappen naar een vijfwekensysteem, zodat hij de biggen op een latere leeftijd kan spenen. Zo hoopt hij minder problemen te hebben met speendiarree. De anderen zijn tevreden met hun huidige manier van werken.

Voeropname voor het spenen

Alle deelnemers waren het erover eens dat het essentieel is om de biggen voldoende voer aan te bieden in de kraamstal, zodat ze ermee vertrouwd zijn op het moment van spenen. Elk doet dit een beetje op zijn manier. Op het ene bedrijf geeft de varkenshouder uitsluitend droogvoer, terwijl een andere varkenshouder het snoepvoer eerst als warme pap toedient en geleidelijk overschakelt op droogvoer. Ook over de voor- en nadelen van elektrolyten versus melk in de eerste dagen kon heel wat ervaring uitgewisseld worden!

2021-07-15-big.jpg


Ook geïnteresseerd in dit project?

Wil je het antibioticagebruik en/of het gebruik van zinkoxide op jouw bedrijf verminderen en zo de gezondheid en de prestaties van de gespeende biggen verbeteren? Aarzel dan niet en schrijf je nu in voor deze begeleiding!

Voor meer informatie: info.varkenshouderij@inagro.be of 051 27 32 28



Dit project komt tot stand met de steun van www.vlaanderen.be/pdpo en www.ec.europa.eu/agriculture/

Europeesldbfondsvoorplattelandsontw.jpg

Gekoppelde thema's & sectoren: Varkenshouderij