Sluipwespen zijn natuurlijke vijanden van bladluizen. Om vroege bladluisplagen in het voorjaar het hoofd te kunnen bieden, ben je dus gebaat bij sluipwespen die bij lage temperaturen weten te gedijen. Inagro ging op onderzoek.   

 
Welke sluipwespen in aardbeien zijn er het vroegst bij?

In aardbeien kunnen bladluizen al erg vroeg in het seizoen problemen veroorzaken. Sluipwespen, natuurlijke vijand van de bladluis, die bij lage temperaturen actief zijn, kunnen net in die periode een oplossing zijn. Bladluizen en sluipwespen intensief monitoren leert ons welke soorten er in de praktijk aanwezig zijn op een aardbeiperceel en welke sluipwespen interessant kunnen zijn om bladluizen te bestrijden in het voorjaar.

Resultaten van het onderzoek  

We onderzochten vijf percelen. In twee conventionele percelen waren zowel de bladluisdruk als het aantal aangetroffen sluipwespen het laagst. In de overige drie percelen was de bladluisdruk hoger. De aantallen aangetroffen sluipwespen waren in één bioperceel duidelijk lager dan in het andere bioperceel én in het conventionele perceel op stelling met vrije ondergroei.   

In dat bioperceel met een laag aantal sluipwespen, werd ingegrepen met een gewasbeschermingsmiddel. De bladluisdruk daalde eerst drastisch maar schoot kort daarna terug omhoog. Wellicht hebben de sluipwespen ook een belangrijke impact ondervonden van de gewasbescherming en verklaart dat waarom de aantallen in dit perceel lager zijn. Na toediening van de gewasbescherming neemt de bladluisdruk sterk af en worden ook de natuurlijke vijanden geraakt. Bladluizen reproduceren veel sneller dan de natuurlijke vijanden, waardoor de bladluispopulatie opnieuw fel toeneemt en de populatie natuurlijke vijanden achterop blijft.

Bij het perceel waar conventioneel geteeld werd op stellingen, werden geen insecticiden gebruikt en werd begroeiing (inclusief bloeiende begroeiing) onder de stellingen getolereerd. Daar stelden we ook de hoogste diversiteit en een hoog aantal sluipwespen vast.

Vermoedelijk heeft het management dus een belangrijke invloed op de aanwezigheid van sluipwespen, maar meer onderzoek is nodig om dat te bevestigen. De monitoring bevestigt dat je de beschikbare commerciële sluipwespen kunt inzetten bij lagere temperaturen (Aphidius matricariae en Aphidius ervi) en draagt een derde kandidaat aan: Lysiphlebus fabarum.

Voor het gedetailleerde rapport verwijzen we naar Proeftuinnieuws 6 van 19 maart 2021. 


 

Deze monitoringsresultaten werden verzameld in kader van het project Proverbio (Bescherming van fruitgaarden via biologische bestrijding: een aangepaste selectie van nuttige insecten), dat kadert binnen het Interreg-programma Frankrijk-Wallonië-Vlaanderen, met steun van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling.
proverbio.PNG