Het zesde mestactieplan voorziet een tweejaarlijkse herziening van de gebiedstypes. Dat gebeurt op basis van de nitraatmetingen in het oppervlakte- en grondwater in landbouwgebied. De nieuwe kaart met gebiedstypes zal gelden in de periode 2021-2022 (onder voorbehoud van de definitieve goedkeuring door de Vlaamse regering).  
Nieuwe gebiedstypes MAP 6 vanaf 2021.

De huidige herziening van de gebiedstypes werd bepaald door de resultaten van de nitraatmetingen in het oppervlakte- en grondwater van de winterjaren 2018-2019 en 2019-2020 en geven een beeld over de nitraatverliezen van de groeiseizoenen 2018 en 2019.  

 

Beide waren dit moeilijke jaren vanwege extreme droogte en hitte met verlaagde opbrengsten en misoogsten tot gevolg. Dit zorgde er ondermeer voor dat de waterkwaliteit verslechterd is ten opzichte van begin 2019. Bijgevolg zijn er meer gebieden bijgekomen waar gebiedsgerichte maatregelen uit MAP 6 van toepassing zullen worden. Vanaf 13 november zullen de landbouwers de gebiedstypes kunnen raadplegen op het e-loket van het Departement Landbouw en Visserij.

20201105_Gebiedstypes_West-Vlaanderen_2021.jpg


 

Welke extra maatregelen zijn van toepassing in gebiedstype 1,2 en 3?  

Gebiedstype 1,2 en 3 (geel, oranje en rood)  

  1. Op groentepercelen met groenten van groep 1 en 2 mag enkel bemest worden als je een bemestingsadvies inwint.
  2. De basismaatregel vanggewassen is van toepassing. Dit betekent dat je op percelen waar de hoofdteelt wordt geoogst voor 1 september, je voor 15 september een vanggewas moet inzaaien, tenzij er een nateelt komt (niet van toepassing voor zware polder).

 

Gebiedstype 2 en 3 (oranje en rood)  
  1. De landbouwer die de hoofdteelt verbouwd (aangever 31 mei) moet ook de mestrechten hebben (aangever 1 januari). Als de verpachter zijn mest wil / moet opbrengen zal dit met AGR-GPS moeten. Dit kan via de AGR-GPS app als het transport via de burenregeling verloopt of via het een erkend mestvoerder.
  2. Bemesten met vloeibaar dierlijke mest na 1 augustus op akkerland moet met een erkend mestvoerder gebeuren. Dit zal vooral de stoppelbemesting zijn na graangewassen, hierbij is de dosis beperkt tot 36 eenheden werkzame stikstof en moet voor 15 september een vanggewas ingezaaid worden.
  3. Getrapte daling van de bemestingsnorm voor werkzame stikstof
    • Is van toepassing op de totale norm, dus de daling kan volledig gerealiseerd worden door een daling van bijvoorbeeld het kunstmestgebruik.
    • Een 2-jaarlijkse daling met 5% in gebiedstype 2
    • Een jaarlijkse daling met 5% in gebiedstype 3
      20201105_Daling_bemestingsnormen.png
  4. Getrapte stijging doelareaal vanggewassen
    • Het doelpercentage is te raadplegen op het mestbankloket onder de rubriek gronden/vanggewassen.
    • Een 2-jaarlijkse stijging met 5% in gebiedstype 2
    • Een jaarlijkse stijging met 5% in gebiedstype 3
      MAPNov2020.png


  5. Strengere drempelwaardes voor het nitraatresidu
20191031_CVBB_drempelwaardes_MAP6.jpg