Spruitjes voor de industrie zijn best donkergroen, mooi bolrond, vast en van uitstekende kwaliteit. Bovendien zijn ze niet te grof. In deze proef werden twaalf rassen vergeleken. In het middenvroege sortiment scoorde de referentie Sofia (Bejo) met een hoge opbrengst goed bij de eerste oogst. Marcanthus (Syngenta) lijkt beloftevol. Bij de tweede oogst scoorde Trimstar met een goede opbrengst en sortering het best. Bij de late rassen lijkt Bejo 3174 (Bejo) beloftevol.  

 
Resultaten rassenproef spruitkool 2019

Groot aanbod aan rassen  

Rasadviezen geven op basis van deze proef blijft een moeilijke opgave. Elk ras heeft zo zijn specifieke eigenschappen. In eerste instantie dienen ze gegroepeerd te worden volgens vroegheid. Dan wordt gekeken naar kwaliteit, en vervolgens naar productiepotentieel. Doordat er geplant wordt op een tamelijk ruime afstand en geoogst wordt voor afzet op de verse markt is de sortering voor de industrie eerder te grof.  

Veel tripsschade  

In oktober was er op korte tijd veel tripsaantasting met groot kwaliteitsverlies tot gevolg. Op 21 november werd de tripsaantasting beoordeeld. Op 21 november was het duidelijk dat de vroege rassen het meest waren aangetast en de late rassen het minst. Splendus en Platinus hadden de minste tripsschade, terwijl het vroege ras Attis het meest was aangetast.      

tripsspruitkool klein.jpg
Foto: Schade door trips in spruitkool. De symptomen zijn vergelijkbaar met die in wittekool.        

Ziekten  

In een aparte proef op Inagro (niet behandeld tegen ziekten) was op 7/11/19 Sofia meest gevoelig voor Mycosphaerella en Splendus, Trimstar, Hemera en Platinus het minst. Thamus was significant het meest aangetast door Alternaria op het blad. De andere rassen waren slechts in zeer beperkte mate aangetast door Alternaria. Echte meeldauw op de spruitjes kwam het meest voor bij Sofia, Attis, Marcanthus, Thamus en Hey Melis. Platinus en Splendus waren het minst aangetast door echte meeldauw. In deze extra proef kwamen geen verschillen tot uiting met betrekking tot trips.    


 

Specifieke eisen voor de industrie  

De kwaliteitseisen voor spruiten zijn hoog. De belangrijkste kwaliteitskenmerken zijn een uniforme en donkere kleur, ronde vorm,  goed gesloten en een goede vastheid. Voor de industrie is ook een uniforme spruitzetting op de stam met een voldoende hoog percentage fijne spruitjes van zeer groot belang. Het gewas moet ook op voldoende hoogte komen om in het najaar een vlotte bladval te bekomen, om smet en een moeilijke machinale oogst te voorkomen.  

Goede groei ondanks droogte  

Er werd gezaaid onder glas in trays bij een plantenkweker op 19 maart. Er werd machinaal geplant op 7 mei op een afstand van 70 cm tussen de rij en 40 cm in de rij. De voorteelt was maïs. Het gewas ontwikkelde zich vlot ondanks de heel droge zomer. Vanaf begin september hadden de planten een tekort aan stikstof. Daarom werden een aantal rassen op 15 oktober, op advies van de zaadhuizen, bijbemest. De eerste rassen werden geoogst op 25 november 2019 en de laatste op 6 januari 2020.  

> Bekijk het volledige rapport van deze proef.  

 
Gekoppelde thema's & sectoren: Akkerbouw | Biologische Productie | Groenten Open Lucht