Twee jaar geleden ging het demonstratieproject 'De Andere Kip' van start. Sindsdien verkenden we de mogelijkheden om een alternatieve vleeskip in de Vlaamse markt te zetten. We hadden oog voor de productie én de afzet. Nu het project op zijn einde loopt, vatten we de resultaten samen.

Mogelijkheden voor alternatieve vleeskip vanuit coöperatieve samenwerking

Waarom een andere kip?

In het project ‘De Andere Kip’ zetten Inagro, ILVO, UGent, Proefbedrijf Pluimveehouderij en de Landsbond Pluimvee in op een vleeskip die in Vlaanderen geproduceerd kan worden. Het product is geen alternatief voor de bestaande Vlaamse standaardkip of biokip. We beoogden marktverbreding naar een type dat nu vaak buiten Vlaanderen wordt gekweekt. Uit vooronderzoek is namelijk gebleken dat de consument bereid is een meerprijs te betalen voor een vleeskip waarvan de productie afgestemd wordt op diervriendelijkheid, milieu en smaak. Zo’n kip kunnen we ook lokaal kweken.

Uniek aan dit verhaal is dat we uitgaan van een bottom-upbenadering, waarbij we een 'andere kip' op een coöperatieve manier in de markt zetten. Zo nemen landbouwers het heft in eigen handen.
 
Twee interessante concepten naar voor geschoven
 
We startten met een bundeling van kennis rond alternatieve productiemethoden, samenwerkingsverbanden, consumptietrends en marketingstrategieën rond vleeskippen in binnen- en buitenland. Daarvoor brachten we pluimveehouders en andere stakeholders uit de keten op verschillende ogenblikken samen om expertise uit te wisselen. Op basis van die inzichten schoven we twee mogelijke concepten naar voor die voor verschillende spelers in de keten (van producent tot consument) interessant zijn.
 
  • Focus op smaak en dierenwelzijn
Bij het eerste concept ligt de focus op smaak en dierenwelzijn. Er wordt gekozen voor een traaggroeiend ras met een opkweekduur van 56 dagen. De huisvesting wordt voorzien van verrijking, zoals strobalen en luzerne, en er is een wintertuin aanwezig.
 
  • Focus op milieu
In het tweede concept wordt extra aandacht besteed aan het milieu. De voorkeur gaat uit naar een reguliere kip met extra’s. Ook voor deze kip wordt verrijkingsmateriaal voorzien. In de voedersamenstelling wordt gekozen voor lokale eiwitbronnen. In dit concept speelt "het BBB-verhaal" een belangrijke rol: de kippen worden geboren, gekweekt en geslacht in België.
 
 
Welke meerprijs kan de pluimveehouder verwachten?
 
Pluimveehouders en andere ketenspelers gaven aan dat zij blijven geloven in de efficiëntie van het gangbare productiesysteem. Toch zijn ze bereid om rekening te houden met de wensen van de klant, op voorwaarde dat er een billijke vergoeding tegenoverstaat. In dit onderzoek brachten we in kaart over welke grootteorde het gaat.
 
Daarvoor voerden we bedrijfseconomische berekeningen uit op basis van resultaten van proeven op het proefbedrijf Pluimveehouderij in Geel. Aan het eerste concept, met focus op dierenwelzijn en smaak, hangt een meerprijs in productie vast van ongeveer 40 % ten opzichte van de reguliere kip. Voor het tweede concept is de vereiste meerprijs becijferd op 2,6 % om een gelijk saldo te bekomen als bij de reguliere kip.
 
 
Welke impact heeft omschakeling naar de andere kip?
 
Pluimveehouders willen uiteraard ook weten welke impact een eventuele overstap naar de productie van een meerwaardekip zou hebben voor hun type bedrijf. Om een brede doelgroep inzicht te geven, voeren we momenteel een theoretische implementatie uit op drie bedrijven. Zo willen we de impact op de infrastructuur, de nood aan arbeid, de productieresultaten, de kosten en de opbrengsten in kaart brengen.
 
 
Meer weten?
 
Op de Sectordagen Pluimvee in Geel en Tielt presenteren we de resultaten van de proeven. Noteer deze data alvast in jouw agenda:
  • Geel: 23 en 27 maart 2020
  • Tielt: 18 maart 2020
 
Met vragen over dit project kan je terecht bij:

 

DeAndereKip_V5.png