Om het efficiënt gebruik van eiwitbronnen in de melkveehouderij goed te kunnen beoordelen, startten we in 2018 een inventarisatie van de voederpraktijken. Avenir Conseil Elevage verzamelde gegevens van 1007 Franse rantsoenen, Inagro van 601 Vlaamse. We analyseerden onder andere het voederschema, het gemiddelde rantsoen en het niveau voor autonomie voor massa, energie en eiwitten.  

Verschillen en gelijkenissen tussen Vlaamse en Franse rantsoenen

Vlaams versus Frans rantsoen

Het Franse en het Vlaamse rantsoen hebben een andere gras-maïsverhouding: meer gras in Vlaanderen en meer maïskuil Frankrijk. Een jaarlijks Vlaams rantsoen staat voor een vierde uit kuilgas. De andere voedergewassen zijn meer aanwezig in Frankrijk. Daar is er bijvoorbeeld een hoger verbruik van bietenperspulp. Het aandeel grasland is in beide landen gemiddeld laag. Vlaamse rantsoenen bevatten meer krachtvoeder: 26% tegenover 19% in Frankrijk. Met dit hoger krachtvoerverbruik willen Vlaamse melkveehouders een hoog productieniveau garanderen.

Gemiddeld Frans rantsoen volgens de cijfers van ACE

rantsoen_ACE.PNG


Gemiddeld Vlaamse rantsoen volgens de cijfers van Inagro
rantsoen_Inagro.PNG


Dynamiek van de rantsoenen
 
Ook de dynamiek van de rantsoenen is in de loop van het jaar anders. We zien een aanzienlijk groter aandeel gras uit beweiding in Frankrijk, hoewel dit maximaal slechts 20% van de opgenomen droge stof uitmaakt. Aan de andere kant gebruiken Franse melkveehouders het ganse jaar kuilgras van goede kwaliteit (gemiddeld 15 tot 30%). Het aandeel krachtvoeder is stabiel op 20% in Frankrijk en 25% in Vlaanderen.
 
rantsoen_ACE_2.jpg


rantsoen_Inagro_2.jpg



Goede melkproductie
 
De melkproductie met deze rantsoenen is goed en ligt zelfs iets hoger dan de nationale gemiddelden van de twee landen. De melkveebedrijven in de grensregio zijn dus zeer productief. De geproduceerde hoeveelheid melk is identiek, maar het vetgehalte is nog altijd lager in Frankrijk. In het kader van het PROTECOW-project zullen we dit werkpunt samen met een groep Franse melkveehouders op technisch gebied verder bespreken en onderzoeken.
 
ACEInagro
Aantal rantsoenen1007601
Rauwe melk (kg/koe/dag)28,728,5
Vetgehalte (%)3,924,16
Eitwitgehalte (%)3,213,29
Opname (kg DS/koe/dag)23,421,8

Autonomieniveau
 
De niveaus van autonomie voor droge stof zijn gemiddeld lager voor het totale rantsoen dan de referenties voor de Franse en Belgische melkveehouderij. Hoewel de voederautonomie goed is, verklaren de grote hoeveelheden krachtvoer deze lage autonomie. Een aanzienlijk deel van de verkochte gewassen speelt een belangrijke rol in de economische prestaties van melkveebedrijven.
 
RuwvoederKrachtvoederTotaal rantsoen
Autonomie - massa - Frankrijk (%DS)87%4%71%
Autonomie - massa - België (%DS)88%0%66%
 

> Meer nieuws over de voederefficiëntie van melkvee en de resultaten van het project volg je op www.interreg-protecow.eu.
 
Vragen? Contacteer Eddy Decaesteker via eddy.decaesteker@inagro.be of 051 27 33 86.
 
Logobanner_Protecow_V3.jpg


Gekoppelde thema's & sectoren: Melkveehouderij