Kwalitatief goed drinkwater heeft een belangrijke invloed op de prestaties van onze landbouwhuisdieren. De voorbije jaren is al heel wat onderzoek verricht naar de waterkwaliteit en het gebruik van verschillende waterbronnen als drinkwater. In het demonstratieproject “Goed drinkwater, het onzichtbare goud op een veeteeltbedrijf” willen we die kennis zoveel mogelijk verspreiden onder de veehouders. We namen de kwaliteit van verschillende waterbronnen dan ook onder de loep.

Inagro brengt kwaliteit van verschillende waterbronnen in kaart

Het principe ‘meten is weten’ geldt voor de kwaliteit van het water dat je gebruikt op je bedrijf. Maar hoe goed of hoe slecht scoort de kwaliteit van de waterbron op jouw bedrijf? Is die vergelijkbaar met wat er bij collega’s gemeten wordt? Of overweeg je het gebruik van een andere, ‘alternatieve’ waterbron op je bedrijf? Als die er nog niet is, dan is ‘meten is weten’ geen optie. Maar wellicht weet je graag welke waterkwaliteit je dan kan verwachten? Om op die vragen een antwoord te bieden, namen we alle drinkwateranalyses onder de loep die ons labo uitvoerde tussen 2006 en eind 2018.

Belangrijke parameters
 
  • pH
De pH van het water kan sterk variëren naargelang de oorsprong van het water. Deze parameter heeft zowel minimum- als maximumrichtwaarden omdat zowel een te lage pH (te zuur; pH<5,5) als een te hoge pH (te alkalisch; pH>8,5) problemen kan geven. Bij een te zure of te alkalische pH zal de wateropname van de dieren dalen, waardoor ze vaak ook minder voeder opnemen. Afhankelijk van de diersoort kan een afwijkende pH spijsverteringsproblemen veroorzaken. Zo kan een te hoge pH (pH > 9) aanleiding geven tot maagproblemen, diarree en moeilijke vertering bij voornamelijk varkens en pluimvee. Ter ondersteuning van de vertering wordt het drinkwater dan ook vaak aangezuurd bij jonge kuikens en biggen. Rundvee is dan weer veel gevoeliger voor een lage pH, omdat dat de optimale werking van de pens verhindert.
 
  • Geleidbaarheid
Een te hoge geleidbaarheid van het water (maat voor het zoutgehalte) kan leiden tot verminderde groei, dalende productie, diarree en in het slechtste geval zelfs tot ziekte bij of sterfte van het vee. Bij een lichte verhoging krijg je een stijging van de wateropname, maar bij hogere gehaltes zullen de dieren weigeren te drinken, wat zal leiden tot een verminderde voederopname. Rundvee zal eerder meer blijven drinken en dat kan oedeem veroorzaken. Behandeling van water met een hoge geleidbaarheid is moeilijk en duur. Mengen met een andere waterbron met een lagere geleidbaarheid kan een oplossing zijn.
 
  • Hardheid
De totale hardheid van het water wordt voornamelijk bepaald door de aanwezigheid van calcium- en magnesiumionen. Een te hoge hardheid zorgt vooral voor een slechte smaak van het water en verstoppingen van de leidingen (vooral bij het opwarmen van het water), kranen, nippels… Het kan ook zorgen voor een daling van de werking van antibiotica, additieven of entstoffen. Een te hoge hardheid kan je behandelen met een ontharder op basis van zoutuitwisseling. Houd er rekening mee dat deze manier van ontharden het zoutgehalte van het water doet stijgen!
 
  • Ijzergehalte
Naast totale hardheid zorgt ijzer voor belangrijke problemen voor de toepassingen van het water. Een te hoog ijzergehalte in het water, gecombineerd met een pH hoger dan 7, zorgt ervoor dat ijer oxideert en neerslaat als het water in contact komt met lucht/zuurstof. Het geoxideerde ijzer sslaat neer en zorgt zo voor verstopping van de leidingen, kranen en nippels. Naast die vervelende neveneffecten krijgt het water ook een roestkleur en zorgt het voor een zware metaalsmaak. Die slechte smaak zorgt ervoor dat, zeker als er ook nog een verhoogde concentratie aan mangaan is, de dieren minder water- en voeder opnemen en dat zorgt uiteindelijk voor groeivermindering en verminderde prestaties.
 
  • Bacteriën
Naast deze chemische parameters is ook de bacteriologie van het water heel belangrijk. Enterococcen en E. Coli zijn belangrijke mestbacteriën. De aanwezigheid van die bacteriën in het water kan wijzen op een besmetting van de waterbron met mest, mestsappen of het instromen van verontreinigd water. Behandeling is mogelijk door middel van chemische ontsmetting of UV-behandeling, maar de oorzaak aanpakken is de eerste en belangrijkste stap.
 
 waterbehandeling1.jpg
 
Waterkwaliteit waterbronnen

Hoe zit het nu juist met de waterkwaliteit van de verschillende waterbronnen? De waterstalen die Inagro analyseerde tussen 2006 en 2018 werden gebundeld per waterbron. Het aantal geanalyseerde stalen varieerde naargelang de waterbron en de parameters. Zo analyseerden we het meeste aantal stalen van diep boorputwater (1229 stalen) en steenput- en filterputwater (1383 stalen), gevolgd door open putwater. Dat zijn waterbronnen die het langst in gebruik zijn. Drainagewater, hemelwater en oppervlaktewater worden recenter als waterbron ingezet op bedrijven en werden daardoor minder geanalyseerd. Bacteriologie wordt ook niet altijd geanalyseerd en Clostridium en sporen van sulfietreducerende Clostridia (SSRC) wordt pas recent meer geanalyseerd, voornamelijk in het kader van lastenboeken.

In tabel 1 is door middel van kleurindicaties weergegeven hoeveel waterstalen voldoen aan de richtwaarde voor drinkwater voor pluimvee, varkens of herkauwers voor de belangrijkste parameters:
 
legende_tabel_waterkwaliteit.PNG
TABEL 1 - Kwaliteit van de waterbronnen voor de geanalyseerde waterstalen in het albo van Inagro tussen 2006 en eind 2018, geldig voor alle diergroepen.

tabel_waterkwaliteit.PNG
*kve/ml = cfu/ml = kolonievormende eenheden per ml water (colony forming units = cfu)

Uit deze tabel kunnen we leren dat de geleidbaarheid (EC) bij diep grondwater (Landeniaanwinning) in meer dan de helft van de gevallen een probleem is. Bij alle waterbronnen waarbij beïnvloeding van de omgeving mogelijk is (alle bronnen behalve de echte grondwaterwinningen), valt het op dat de parameters Enterococcen, Clostridium en SSRC voor meer dan de helft van de stalen de richtwaarde overstijgen. Bij diepdrainagewater is de hardheid bij meer dan de helft van de stalen een probleem. Bij gebruik van die waterbron is een behandeling afhankelijk van de toepassing te overwegen. Wil je meer weten over mogelijke behandelingen voor je probleemparameters, dan kan je surfen naar www.watertool.be of contact opnemen met onze adviseurs voor persoonlijk bedrijfsadvies.


Test de kwaliteit van jouw waterbron
 
In het demonstratieproject “Goed drinkwater, het onzichtbare goud op een veeteeltbedrijf” maakten we met bovenstaande resultaten een interactieve tabel waarmee je de analyses per waterbron kunt toetsen aan de richtwaarde voor drinkwater voor een bepaalde diersoort (pluimvee, varkens of herkauwers). Per waterbron wordt naast het aantal stalen ook voor iedere parameter de gemiddelde gemeten waarden, de minimum en de maximum gemeten waarden weergegeven. Ben je benieuwd naar de resultaten? Welke minima en maxima zijn nu eigenlijk gemeten?

>> Surf naar de watertool en ga zelf aan de slag. Duid de waterbron aan waarvan je wil weten hoe de kwaliteit is en koppel dat aan een richtwaarde voor drinkwater voor varkens, pluimvee of herkauwers.
 
 
 
 

Deze resultaten kaderen in het demonstratieproject “Goed drinkwater, het onzichtbare goud op een veeteeltbedrijf” waarbij kennisdeling van verschillende onderzoeksresultaten en mogelijke behandelingen centraal staat. Inagro werkt hiervoor samen met de Hooibeekhoeve, Proefbedrijf Pluimveehouderij en het Proef- en Vormingscentrum voor de Landbouw (PVL). Het project wordt gefinancierd door het Departement Landbouw en Visserij. Heb je vragen over je wateranalyse, wil je meer weten over de verschillende parameters en/of heb je vragen welke behandelingen mogelijk zijn voor je water? Surf dan naar www.watertool.be of neem contact op met één van de deelnemende partners.
 
 
banner_waterkwaliteit.jpg

Gekoppelde thema's & sectoren: Kleinveehouderij | Melkveehouderij | Pluimveehouderij | Varkenshouderij | Water