Stikstof is een essentieel element voor de groei en ontwikkeling van de plant. In de bodem komt het voor in verschillende vormen, al dan niet beschikbaar. Mineralisatie stelt die stikstof vrij die voorheen niet beschikbaar was voor de plant.
Door het bodemleven wordt stikstof uit het organisch materiaal (oogstresten, organische mest, groenbedekkers, bodemhumus,…) vrijgesteld in een voor de plant opneembare vorm. Temperatuur, pH en vochtgehalte spelen hierbij een belangrijke rol. Bij een lagere pH vertraagt de vertering van het organisch materiaal en dus ook de vrijstelling van stikstof, dit door een verandering in samenstelling van het bodemleven. Bij een lagere pH zullen schimmels de hoofdrol spelen in de afbraak van organisch materiaal (trage afbraak) terwijl bij een hogere pH bacteriën die rol overnemen (snelle afbraak). De optimale pH is afhankelijke van het bodemtype.
Naast de pH speelt de temperatuur ook een belangrijke rol, daar deze mede de activiteit van het bodemleven bepaalt. Om een goede mineralisatie te hebben moet de bodemtemperatuur boven de 10 °C stijgen, bij hogere bodemtemperaturen zal de mineralisatie versnellen, doch bij te hoge bodemtemperaturen zal deze weer terugvallen.
Daarnaast moet en bij een voldoende hoge bodemtemperatuur ook een minimum vochtgehalte in de bodem zijn. Droge bodems mineraliseren niet.
Hoeveel mineralisatie op uw perceel te verwachten valt, hangt af van de teeltrotatie op het perceel (akkerbouw of groenteteelt), het gebruik van het perceel (toediening van stalmest en gebruik van groenbedekkers) en het koolstofgetal. Als voorbeeld nemen we een perceel dat een koolstofgehalte van ± 1% heeft. Van de voorraad organische stikstof komt ongeveer 2% vrij doorheen het jaar. Dit stemt in dit geval overeen met ongeveer 150 kg N/ha. Op percelen met een hoger humusgehalte kan de organische stikstof reserve oplopen met vrijstelling tot 200 kg N/ha en meer op jaarbasis. Omdat voor hoge koolstofgehaltes de mineralisatie zich niet meer volledig lineair verhoudt tot het %C, wordt de totale mineralisatie gelijk gesteld aan een maximum per textuur (180 kg N/ha voor leem; 240 kg N/ha voor zand; 190 kg N/ha voor zandleem; 320 kg N/ha voor klei op jaarbasis) als de berekende mineralisatie dit maximum overschrijdt.
De vrijstelling van stikstof kan komen uit verschillende bronnen met als voornaamste de mineralisatie van de bodemhumus. Daarnaast is er ook vrijstelling van stikstof uit groenbedekkers die ingewerkt werden, oogstresten die achterblijven op het veld en de mineralisatie van de organische mest van het vorige jaar. De bodem heeft dus heel wat te bieden; het komt er dan ook op aan om hiervan volop gebruik te maken.
Voor een nauwkeurige berekening van een bemestingsdosis kan u steeds terecht bij het labo van Inagro. Bij het opstellen van het uw bemestingsadvies zullen wij deze mineralisatie nauwkeurig in kaart brengen, naast de vele andere parameters waarmee het advies rekening houdt, om zo waar mogelijk te besparen op uw aankoopfactuur van meststoffen.