In onze reeks over de innovatieve tuin hebben we het deze maand over gewassen die werkzame stoffen bevatten die schadelijke organismen kunnen bestrijden. Er is een stijgende vraag naar biociden van natuurlijke oorsprong. In het Interreg-project ‘Growing a green future’ wordt onderzocht welke gewassen daarvoor het meeste potentieel bieden.

Welke gewassen bevatten grondstoffen voor biociden?

Wat zijn biociden?
In de brede betekenis van het woord is een biocide een stof die organismen doodt. Voor een uitgebreide definitie zie volgende link. Vorige week verscheen al een nieuwsbericht over de definitie van biociden. De regelgeving rond het gebruik van biociden in industriële toepassingen en bij particulieren wordt steeds strenger. Daardoor stijgt de vraag naar biociden van natuurlijke oorsprong. Die zijn vaak minder toxisch voor de mens en hogere organismen. Bovendien werken ze vaak specifieker dan breedspectrumbiociden. Tot slot zijn ze beter biologisch afbreekbaar dan de conventionele producten.

Om te voldoen aan de stijgende vraag moet er nog heel wat kennis opgebouwd worden. Volgende vragen komen aan bod in het project:     

  • Welke gewassen bevatten stoffen met een toxische werking?
  • Kunnen die gewassen in onze streken geteeld worden?
  • Wat is de werkzaamheid van het product?
 

Natuurlijke biocidegewassen in de innovatieve tuin
Projectpartners Karel de Grote Hogeschool (BE) en Delphy (NL) focussen op dit deel van het project. Er werd gestart met een uitgebreide literatuurstudie naar plantenextracten en actieve stoffen in plannen die gebruikt kunnen worden in gewasbeschermingsmiddelen. Uit een lijst van 70 gewassen werden 4 gewassen geselecteerd die effectief werden aangeplant in de innovatieve tuinen. Het gaat over pyrethrum, brandnetel, boerenwormkruid en sorghum.  

Na de oogst van die gewassen worden extracties uitgevoerd op de Karel de Grote Hogeschool. De extracties worden uitgevoerd op verschillende onderdelen van de geselecteerde gewassen (bloemknoppen, loof, wortels, bladeren en stengel). Met behulp van een GC-MS-analyse werd bepaald welke actieve componenten aanwezig zijn in de verschillende extracten. In een volgende stap zal de specifieke werking van de extracties getest worden. De focus ligt in eerste instantie op boerenwormkruid. Als er voldoende tijd is zullen ook andere gewassen geëvalueerd worden. Voor bepaalde producten effectief gebruikt mogen worden, moeten er nog heel wat onderzoek gebeuren. Bovendien moeten ze erkend worden voor gebruik. 

Boerenwormkruid – Tanacetum vulgare    

Boerenwormkruid5.JPG   

In het grootste deel van Europa komt boerenwormkruid van nature voor. De plant kan 60 – 120 cm hoog worden en bloemt met platte schermen die uit tientallen gele bloemhoofdjes bestaan. In de plant komt het giftige thujon voor. Het is wormafdrijvend, vooral bij spoel- en lintwormen. Andere etherische oliën die uit de plant gehaald kunnen worden, kunnen gebruikt worden als insectenverdrijvende middelen.    

Pyrethrum – Chrysanthemum coccineum    

Crysantemunkjpyrethrum.jpg   

Er zijn zeer veel cultivars die bij de bloemist als ‘chrysant’ te krijgen zijn. Uit de ‘chrysant’ of pyrethrum kunnen pyrethrines geëxtraheerd worden. Die stoffen vallen het zenuwstelsel van bladetende en -zuigende insecten aan. Aangezien pyrethrum bij blootstelling aan licht snel afgebroken wordt, wordt het beschouwd als het veiligste natuurlijke insecticide. Het laat geen residu achter en is niet schadelijk voor warmbloedige dieren.    

De cultivar waaruit de pyrethrines geëxtraheerd worden, is een meerjarige plant met witgele bloemen. De plant wordt op een hoogte van ca. 1200 m tot 3000 m geteeld, in het verleden vooral aan de Dalmatische kust in voormalig Joegoslavië. Tegenwoordig situeert de teelt zich voornamelijk in Kenia, Tanzania en Rwanda. De plant kan in ons klimaat geteeld worden, hoewel de opbrengst aan pyrethrines beduidend lager is.     

Brandnetel – Urtica L.    

brandnetel.jpg   

De brandnetel is een plantengeslacht waarvan in Nederland en België de grote brandnetel en de kleine brandnetel voorkomen. Het geslacht kent een 30 tot 45 soorten, waarvan er vier in Midden-Europa voorkomen. Brandnetel is een meerjarige plant en groeit vooral in vochtige, lichtzure en voedzame grond. De plant kan gemiddeld 1,5 m hoog worden. Het is bekend dat brandnetelgier gebruikt wordt tegen verschillende luizensoorten en rupsen.  

Soedangras, Kafferkoren – Sorghum bicolor

Sorghum.JPG   

Sorghum is wereldwijd het vijfde meest geteelde graangewas na tarwe, maïs, rijst en gerst. Het is een droogtebestendig alternatief voor kuilmaïs of op percelen waar de maïswortelboorder voor problemen dreigt te zorgen. Afhankelijk van de groeiomstandigheden kan het gewas 60 cm tot 5 m hoog worden. De gewassen die op cultuurgronden staan, bereiken een hoogte tussen 150 en 180 cm. 


Het gewas kent zeer diverse toepassingen. Het dient als grondstof voor humane (bier, graan) en dierlijke (kuilruwvoeder) voeding. Het levert ook vezels voor verpakkingen of bouwmaterialen en het kan dienen als grondstof voor biobrandstof. Sorghum zou ook werkzaam zijn tegen aaltjes. 

Meer info
Wens je meer info over de teelten of over de resultaten van het lopende onderzoek naar de werking van de extracties, dan kan je terecht bij: 

 

Elke maand belichten we een groep gewassen. Deze maand zijn de biociden aan de beurt. Komende maand komen de vezelgewassen aan bod. De voedsel-, olie- en eiwithoudende gewassen werden vorige maanden toegelicht.
 

interregVlaanderenNederlandµùRGB.jpgtextlogoGreenFuturecmykv0300ilj.jpg

flagllyellowkkhigh.jpg
 

Het project ‘Growing a green future’ is gefinancierd binnen het Interreg V-programma Vlaanderen-Nederland, het grensoverschrijdend samenwerkingsprogramma met financiële steun van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling. Meer info: www.grensregio.eu.    


 
Gekoppelde thema's & sectoren: Akkerbouw | Energie En Groene Grondstoffen | Groenten Open Lucht